Dit was mijn Poëzieweek 2025
De Poëzieweek is weer achter de rug. Traditioneel gezien is dit de week waarin dichters uit hun schrijfhol kruipen en een dichtbundel voor hun ogen houden om zich te beschermen tegen het felle daglicht. Ze bestijgen podia, krijgen tijdens interviews moeilijke vragen voor te voeten geworpen die ze zo eloquent mogelijk pogen te beantwoorden, om daarna – de uitputting nabij – weer in hun hol te verdwijnen.
Ik had dit jaar geen initiatief genomen om mee te doen aan de Poëzieweek. Het zijn vermoeiende maanden geweest en eerlijk gezegd was het aan mijn aandacht ontsnapt. Maar van het een kwam het ander. Zo nodigde Joost van Arbeidszorgcentrum ’t Karwei in Boechout me uit op Gedichtendag om poëzie voor te dragen voor mensen met een psychische kwetsbaarheid. Aanvankelijk had ik mijn ‘setlist’ opgehangen aan Lijfelijkheid – het thema van de poëzieweek – maar omdat een van de patiënten onlangs overleden was, hebben we vooral de tijd genomen om afscheid te nemen met troostende woorden. Het werd een hartverwarmende voormiddag.
‘t Karwei in Boechout. Foto: Joost Derkinderen.
Twee dagen later fietste ik naar Buurthuis Unik in Antwerpen om een halfuur poëzie voor te dragen op uitnodiging van dichter en organisator Gust Peeters, alias GOD (Gekke Oude Dichter). Eerst werd ik door GOD vakkundig geïnterviewd om daarna zelf het woord te nemen. Je kon een spelt horen vallen, sommigen sloten zelfs hun ogen en bogen licht voorover om mijn verzen tegemoet te komen. Of ze waren aan het knikkebollen, dat kan ook. Na mijn optreden was het smullen van de open mic, met beklijvende gedichten van onder andere collega-zeefdichter Lander Cornelis.
Buurthuis Unik. Foto: Elisa Schepens.
Buurthuis Unik. Foto: Elisa Schepens
Als toemaatje werden tijdens de Poëzieweek twee nieuwe gedichten van mij in de spotlights gezet door de bibliotheek van Boechout. Dan kan je als dichter alleen maar dankbaar terug in je holletje kruipen.